AI verandert de manier waarop studenten schrijven en stelt docenten voor nieuwe vragen over beoordeling en leerprocessen. De Vrije Universiteit Amsterdam ontwikkelde daarom praktische richtlijnen om academisch schrijven toekomstbestendig te maken.
Binnen het Academic Language Programme (ALP) zijn nieuwe online resources ontwikkeld die zich richten op schrijfvaardigheid in combinatie met AI. De aanleiding is groeiende onzekerheid onder docenten, die steeds moeilijker kunnen vaststellen of teksten zelfstandig zijn geschreven of met behulp van AI tot stand zijn gekomen.
De richtlijnen kiezen nadrukkelijk niet voor een verbod op AI, maar voor een gebalanceerde benadering. Docenten worden gestimuleerd om opdrachten zo te ontwerpen dat studenten hun schrijfvaardigheid blijven ontwikkelen, terwijl er ruimte is voor verantwoord gebruik van AI als hulpmiddel. Heldere communicatie over wat wel en niet is toegestaan speelt daarbij een centrale rol.
Een belangrijk uitgangspunt is de verschuiving van eindproduct naar schrijfproces. Door te werken met conceptversies, reflecties en begeleide schrijfmomenten krijgen docenten beter inzicht in hoe studenten tot hun teksten komen. Tegelijkertijd worden opdrachten minder gevoelig voor ongewenst AI-gebruik.
De nieuwe aanpak maakt deel uit van een bredere heroriëntatie op academisch schrijven. In plaats van AI buiten te sluiten, ligt de focus op integratie op een manier die leerdoelen ondersteunt en academische integriteit waarborgt.