Max Welling haalde onlangs 450 miljoen dollar op met CuspAI in een Series B-financieringsronde, waarmee het bedrijf wordt gewaardeerd op 2,6 miljard dollar. Met de investering wil de AI-startup onder meer nieuwe modellen trainen, data genereren en het internationale team uitbreiden. Tegelijk lanceerde CuspAI de AI Materials Foundry: een netwerk van bedrijven, labs, compute- en AI-partners dat de ontwikkeling van nieuwe materialen moet versnellen. ’Wij willen via dit netwerk iedereen meekrijgen op de AI-trein.’
Hoe reageerde je op het nieuws dat CuspAI zo’n enorm bedrag heeft opgehaald?
‘Het is verrassend dat er zoveel geld in het vakgebied omgaat. Dit is voor Nederlandse begrippen heel veel, misschien wel de grootste Series B-ronde ooit. Aan de andere kant leef ik ook in de realiteit dat onze grootste concurrenten, zoals Periodic en Lila, nóg meer geld ophalen. Dus in die zin is het geen absurd bedrag. Ik denk dat het terecht is dat ze het aan ons geven, omdat ik denk dat wij er het beste gebruik van kunnen maken en de meeste impact kunnen maken. Maar het is een hoop geld en een hoop verantwoordelijkheid om daar goed mee om te gaan.’
Had je, toen je jonger was, ooit verwacht dat je zo’n succesvol bedrijf zou oprichten?
‘Als student stond dit niet eens op mijn radar. Toen ik jong was, toen de dinosaurussen nog over de aardbodem liepen, waren er eigenlijk maar twee opties: of je ging de wetenschap in, of je ging bij een bedrijf werken. Zelf een bedrijf opstarten stond bij niemand op de radar. Dat is iets wat ik heel graag wil veranderen in Nederland. Als ik mezelf één missie geef, dan is het wel om iedereen in ieder geval de optie te laten overwegen dat een startup een fantastische keuze is.’
Hoe ben je zelf op dat idee gekomen?
‘Ik heb eerst een academische carrière gehad. Toen ik terugkwam in Nederland, zijn we onze eerste startup begonnen: Cypher. Dat was toen nog een heel andere vorm van startup. Toen proefde ik voor het eerst dat het heel leuk was: die positieve energie en het dynamische geheel. Daarna heb ik een jaar of zeven in Big Tech gewerkt, bij Qualcomm en Microsoft. Dat is wel echt de industrie; ik heb er veel geleerd, maar het was niet mijn ding. Deze startup is echt Silicon Valley-stijl, en dat vind ik een fantastische ervaring.’
Hoe is die ervaring?
‘Nou, het gaat wel sneller dan ik dacht. Mijn co-founder Chad is ontzettend succesvol in het ophalen van geld en heeft een heel goed netwerk. Als je eenmaal vaart hebt, creëert dat een soort aantrekkingskracht op talent en nieuwe investeringen. Je krijgt dan een sneeuwbaleffect. In twee jaar tijd naar een waardering van 2,6 miljard gaan, is natuurlijk boven verwachting; dat zijn bizarre getallen. Maar dat wij dit, zeker in de configuratie van Chad en mijzelf, heel goed konden neerzetten, daar heb ik altijd wel veel vertrouwen in gehad.’

Hoe wordt het geld ingezet?
‘We hebben veel plannen. Ten eerste moeten we het team uitbreiden op verschillende plekken; we gaan onder andere mensen aannemen in Singapore en Silicon Valley. Daarnaast gaan we meer modellen trainen, zoals onze eigen agents en LLM’s, wat veel geld kost. We gaan ook data genereren, zowel digitaal als via experimentele faciliteiten en labs. En we hebben net de Foundry opgericht, een ecosysteem van vijftig bedrijven, waar we allerlei waarde voor willen creëren. Dat kost ook een initiële investering.’
Wat houdt die Foundry precies in?
‘Het is een netwerk waarin je heel snel verschillende partijen bij elkaar brengt die je nodig hebt om een nieuw materiaal te ontwikkelen. Denk aan compute-partners, AI-partners, labs en een klant met een specifieke probleemstelling. Zo kun je snel projecten opstarten, soms precompetitief en soms competitief, zodat iedereen kan proeven aan AI en successen met elkaar kan behalen.’
Wat is het doel?
‘We willen een paradigmaverandering teweegbrengen. Het vakgebied is nu nog heel traditioneel en conservatief: groepen wetenschappers die papers lezen en experimenten doen, maar nog heel weinig gebruikmaken van AI. Wij willen via dit netwerk iedereen meekrijgen op de AI-trein en laten zien dat het veel sneller kan als ze ons platform gaan gebruiken.’
Hoe verschilde deze investeringsronde van de vorige?
‘Er zijn wel degelijk nieuwe aspecten. We willen de agentic frameworks flink uitbreiden, grotere stappen zetten in digital twin-achtige simulaties, meer experimenteren en meer data genereren. Dat zijn zaken die simpelweg duurder zijn en die we in de vorige ronde nog niet konden doen.’
Denk je dat Europa te afhankelijk wordt van Amerikaanse techbedrijven?
‘Als ik naar Europa en onszelf kijk, denk ik dat we Europa minder afhankelijk moeten maken van andere landen. We moeten dit soort technologie zelf willen ontwikkelen, en daar helpt ons bedrijf bij. Maar in de samenwerking met Amerikaanse bedrijven zie ik geen enkel probleem. Bedrijven bestaan uit heel veel verschillende groepen en daarbinnen zitten veel welwillende mensen die het beste voorhebben. Je moet er gewoon goed op letten dat je aan de juiste problemen werkt en niet meegaat in een narratief waar je het niet mee eens bent.’
Wat zou Europa volgens jou moeten doen om mee te kunnen komen met Amerikaanse frontier labs, zoals OpenAI en Anthropic?
‘Dat is een ingewikkelde kwestie. We hebben inmiddels in Engeland, Frankrijk en Duitsland wel een aantal bedrijven die LLM’s bouwen, zoals Mistral, Aleph Alpha en Black Forest Labs, maar de Amerikaanse investeringen zijn enorm en lastig in te halen. Het is belangrijk dat Europa een eigen capaciteit opbouwt, want de kans bestaat dat zowel China als Amerika op een gegeven moment de knop omzet. Dan moet je een goed eigen startpunt hebben.’
Waar zie je kansen voor Europa om mee te komen met deze bedrijven?
‘In physical AI, een vlak waarop Europa goed gepositioneerd is en waar we op moeten inzetten. We moeten onze eigen compute-infrastructuur bouwen, zodat we niet honderd procent afhankelijk zijn van het buitenland, en onze eigen AI frontier labs ondersteunen. Die financiering hoeft niet eens volledig uit Europa te komen; dat mag best deels uit Amerika zijn, zolang we in Europa maar de randvoorwaarden creëren waarin dit soort bedrijven kunnen groeien en floreren.’
Er wordt momenteel gigantisch veel geld in AI gestoken. Hoe zorgen jullie ervoor dat de verwachtingen rondom jullie bedrijf realistisch blijven?
‘In tegenstelling tot veel andere LLM-bedrijven die veel beloven maar nog niets hebben, zijn wij al heel druk met échte klanten. We hebben contracten gesloten en er lopen al inkomstenstromen. We zijn daardoor heel grounded en goed geworteld in de echte economie; het is geen luchtkasteel. Natuurlijk is het risicovol investeren, maar partijen als OpenAI en Anthropic verdienen ook veel geld. Het is allemaal heel rationeel doorgerekend en financieel onderbouwd op basis van marktgrootte en de snelheid waarmee we die markt kunnen penetreren.’
Wat moet CuspAI over een jaar hebben bereikt om deze investeringsronde een succes te noemen?
‘We zijn hard op zoek naar een doorbraakmateriaal: een nuttig materiaal dat zonder AI nooit ontdekt had kunnen worden en waar de markt echt op zit te wachten. Als we dat op een aantal vlakken kunnen bereiken in samenwerking met onze partners, is de ronde succesvol. Daarnaast is het een succes als we ons aantal betalende klanten flink hebben vergroot. Uiteindelijk is het een kwestie van doorbouwen: het platform moet groter, er moet meer data worden vergaard en de hele machine moet sneller gaan draaien.’
Waar zou je CuspAI over vijf of tien jaar willen zien? Wat is de ultieme droom?
‘Mijn droom is dat CuspAI gaat functioneren als een autonome zoekmachine voor materialen. Dat je als gebruiker frictieloos een gesprek kunt voeren over waar je naar op zoek bent, waarna er volledig automatisch berekeningen en experimenten over de hele wereld worden opgestart om dat materiaal te produceren. Het tempo waarin nieuwe materialen worden ontwikkeld, getest en toegepast in echte objecten moet enorm omhoog. Mijn droom is dat er over een aantal jaar, als je een nieuwe chip, batterij of zonnecel koopt, standaard “Cusp inside” in zit. Dat er dus een Cusp-materiaal in verwerkt is dat het product fundamenteel beter maakt.’
En hoe lang duurt het voordat dit werkelijkheid wordt?
‘De eerste materialen zullen er binnen de komende jaren wel zijn. Ik nu al dat de tijd die wij binnen ons bedrijf nodig hebben om met een kandidaat-materiaal te komen, steeds korter wordt. Dat kunnen we nu al heel snel.’
Interview door Bodiel Siebers