In een wereld van toenemende geopolitieke spanningen groeit de vraag wat universiteiten bijdragen aan veiligheid en weerbaarheid. De Universiteit van Amsterdam (UvA) ging hierover in gesprek met decanen en het College van Bestuur. Centraal staat de vraag hoe onderzoek en onderwijs kunnen bijdragen aan een sterke samenleving, zonder de eigen academische waarden uit het oog te verliezen.
De UvA werkt al op verschillende manieren aan thema’s rond veiligheid en weerbaarheid. Binnen de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica (FNWI) wordt samengewerkt met partners als TNO, het Nederlands Forensisch Instituut en defensie aan de detectie van chemische wapens. Daarnaast draagt AI-onderzoek bij aan het herkennen van deepfakes, verdachte geldstromen en digitale dreigingen. Ook onderzoek naar quantumtechnologie versterkt cybersecurity en draagt bij aan technologische onafhankelijkheid in Nederland en Europa.
Binnen de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen (FMG) ligt de nadruk op maatschappelijke weerbaarheid. Onderzoekers bestuderen onder meer de impact van oorlogsdreiging op mentaal welzijn, polarisatie en radicalisering, en de veerkracht van kinderen uit gezinnen die zijn gevlucht voor conflict. Deze inzichten zijn essentieel voor een sterke, democratische samenleving.
Volgens FNWI-decaan Susan te Pas is de verantwoordelijkheid van universiteiten in de huidige geopolitieke context urgenter geworden. Veiligheid en weerbaarheid zijn complexe maatschappelijke vraagstukken waarvoor wetenschappelijke kennis nodig is. FMG-decaan Christa Boer benadrukt dat het bestuur actief het gesprek wil voeren met studenten en medewerkers, zodat zij weloverwogen keuzes kunnen maken over hun betrokkenheid bij bepaalde samenwerkingen.
De decanen en het College van Bestuur formuleerden daarom een gezamenlijk uitgangspunt voor samenwerking met maatschappelijke partners zoals defensie. Daarin wordt expliciet vastgelegd dat samenwerking altijd plaatsvindt binnen wettelijke kaders, met inachtneming van academische vrijheid en ethische toetsing.
Duidelijk is ook waar de grenzen liggen. De UvA wil niet betrokken raken bij mensenrechtenschendingen of oorlogsmisdrijven en weegt ethische dilemma’s zorgvuldig af. Tegelijkertijd erkent de universiteit dat kennis niet volledig controleerbaar is in haar toepassing. Dat vraagt om voortdurende reflectie en zorgvuldige besluitvorming.
Met deze gesprekken onderstreept de UvA haar publieke rol: bijdragen aan veiligheid en weerbaarheid, terwijl zij kritisch blijft op de maatschappelijke impact van technologie en onderzoek.